De discussie over AI in fotografie gaat vaak over wat de technologie nog niet kan. De vingers kloppen niet helemaal, schaduwen lopen vreemd weg of details voelen onnatuurlijk aan. Maar wie naar de snelheid van de ontwikkeling kijkt, ziet dat dit waarschijnlijk tijdelijke beperkingen zijn. Beeldkwaliteit is een technisch probleem, en technische problemen hebben de neiging om opgelost te worden.
Daardoor dreigt een interessantere vraag onder te sneeuwen: wat als AI straks beelden kan maken die niet meer van foto's te onderscheiden zijn? Waar ligt dan nog het verschil?
Fotografie is meer dan een afbeelding
We zijn gewend geraakt om fotografie te beoordelen op het eindresultaat. Op wat er zichtbaar is binnen het kader. Maar een groot deel van de waarde van fotografie ontstaat buiten de foto.
Een persfotograaf moet aanwezig zijn wanneer nieuws ontstaat. Een documentaire fotograaf investeert soms maanden om toegang te krijgen tot mensen of plekken. Een natuurfotograaf wacht uren of dagen op een situatie die misschien nooit komt.
De foto is uiteindelijk het zichtbare resultaat van iets dat veel groter is: aanwezigheid.
AI kan een beeld genereren van vrijwel iedere situatie. Maar het kan niet ergens zijn geweest. Het kan niet wachten, observeren of getuige zijn van een gebeurtenis. Het werkt altijd met informatie die al beschikbaar is gemaakt.
Hoe beter AI wordt, hoe belangrijker herkomst wordt
Dat lijkt een klein verschil, maar het heeft grote gevolgen. Want zodra een gegenereerd beeld niet meer te onderscheiden is van een foto, verschuift de aandacht automatisch naar de oorsprong ervan.
Niet: is dit beeld realistisch?
Maar: is dit beeld een registratie van iets dat werkelijk heeft plaatsgevonden?
Dat is vooral relevant in journalistiek, documentaire fotografie, wetenschap en archivering. Op die gebieden is een foto niet alleen waardevol vanwege wat erop staat, maar ook vanwege de relatie met de werkelijkheid.
Misschien ligt daar uiteindelijk een van de belangrijkste grenzen van AI in fotografie. Niet in het maken van beelden, maar in het vervangen van de rol van de fotograaf als aanwezige getuige. Hoe beter kunstmatige beelden worden, hoe waardevoller het bewijs wordt dat een foto niet alleen overtuigend oogt, maar ook daadwerkelijk op een bepaald moment en een bepaalde plaats is gemaakt.
En misschien is dat precies wat fotografie uiteindelijk onderscheidt van beeldproductie: niet dat er een afbeelding ontstaat, maar dat iemand er was toen die ontstond.
Reactie plaatsen
Reacties